Huizen heeft een kans, Ulft heeft hem al verzilverd

Slapen in de Badkuipfabriek

Wat te doen met een stel oude fabrieksgebouwen?

Wandel & Handel

Verrek, zijn dat niet de straatlantaarns die tot een paar jaar geleden op Damrak en Rokin stonden? 

Een fietstocht door het stroomgebied van de Oude IJssel leidt tot verrassende ontdekkingen. Want her en der kom je hier het oude straatmeubilair van Amsterdam tegen. 

Ook pal tegen de oostgrens, in Gelderland, waar het dorp Ulft ligt. Met ruim 10.000 inwoners is het de grootste plaats van de gemeente Oude IJsselstreek. 

Het dorp kent twee buurtschappen, Oer en De Pol. 

Met Oer wordt het noordelijk deel van Ulft aangeduid. Oer verwijst naar het ijzer dat hier gevonden werd. In Oer stond ook de fabriek van ijzergieterij DRU, tot deze in 2005 verhuisde naar Duiven, 35 kilometer verderop.

Het terrein van de voormalige DRU-fabriek staat tegen de Oude IJssel aangeplakt, bijna op de grens met Duitsland. Als je je kano tegen de stroom in stuurt, moet je mondkapje en paspoort meenemen.

Het straatmeubilair is door de hoofdstad aan de streek cadeau gedaan. De lantaarns en bankjes die qua vormgeving en kleur eerder aan het Groninger Museum doen denken dan aan een historische binnenstad, zijn van gietijzer. 

Ulft was de hoofdstad van dit materiaal. En DRU het middelpunt. 

Hier kwamen die oranje pannen vandaan waar je oma urenlang het draadjesvlees in liet sudderen. 

Gemeente Oude IJsselstreek is zo verstandig geweest de verlaten DRU-panden niet op de kiepwagen van een sloopbedrijf te gooien en het in te vullen met een leuk nieuwbouwwijk in de vorm van een hofje of een vestingstadje. 

Alle gebouwen zijn behouden en hebben een nieuwe invulling gekregen. 

Zo vind je in het Portiersgebouw de DRU Cultuurfabriek. Hier eet je in restaurant het Schaftlokaal, je hebt er de bibliotheek, de muziekschool, een galerie en de film- en popzaal. 

In de Afbramerij is Innovatiecentrum ICER ondergebracht plus het Nederlands IJzermuseum. 

De SSP-hal wordt gebruikt voor beurzen, markten, exposities en concerten. 

De lokale radiozender Optimaal FM vind je in het gebouw van het vroegere loonbureau. 

Het omringende DRU-park is landschapspark en festivalterrein, er is een waterspeelplaats en je kunt bootje varen op de langs stromende rivier.

Je kunt ook wonen en werken op het DRU-terrein. In de Badkuipenfabriek zijn werk-woonlofts gebouwd, in het Beltmancomplex appartementen, kantoren en flexwerkplekken.

Zo vormt het DRU-terrein het kloppend hart van de omringende nieuwbouwwijk. De VVV die ook op het terrein een plekje heeft gevonden, in het Loonbureau, verzorgt er graag rondleidingen. 

Toen ik er een week of drie geleden was, maakte het terrein een wat verlaten indruk. Geen beurzen, weinig evenementen en bijeenkomsten, kantoren die half-bezet zijn. Het moet het tegenwoordig in hoofdzaak hebben van inwoners en toeristen.

En dat is jammer. Het DRU-Industriepark bestaat inmiddels alweer sinds 2012. En vormt een fraai voorbeeld van wat je met oude, bijna gaar gesudderde fabrieksgebouwen kunt doen.

Waar in Ulft de discussie over de toekomst van het vroegere fabrieksterrein al lang en breed is gevoerd, staat de gemeente Huizen aan het begin van dit traject. Het gaat om het oude en inmiddels verlaten terrein van BNI, producent van muurbekleding. Het bedrijf is inmiddels een blokje opgeschoven en de vraag is nu wat de gemeente Huizen wil met het oude terrein – dat overigens niet van haar is.

Verantwoordelijk wethouder Boom heeft geen zin in een lange discussie. Hij ziet het liefst dat de eigenaar de gebouwen wegbulldozert en er zo’n fraaie nieuwbouwwijk op vestigt. De gebouwen hebben volgens hem toch geen monumentale waarde. 

Hij snapt kennelijk niet dat dit helemaal niet interessant is. Monument of niet, het gaat om kansen die de gebouwen en het terrein bieden. Des te meer omdat de locatie langs de Havenstraat ligt, de directe verbinding tussen het hart van het oude Huizen en het toeristische nautisch kwartier met de jachthaven, een hotel en diverse restaurants. De gemeente heeft eerder laten vastleggen dat juist deze as een cultureel karakter moet krijgen.

Een eerste aanzet is er al. Pal naast het BNI-terrein staat de Krachtcentrale. Ook een voorbeeld van wat je met oud industrieel erfgoed kan doen. 

BNI had sinds 1938 een eigen krachtcentrale op het terrein. In 2017 kwam het gebouw in handen van twee Huizer ondernemers die er een restaurant begonnen en het opmerkelijke pand verder invulden met vergaderruimtes, werkplekken voor een aantal ambachtelijke bedrijfjes zoals een fotograaf en een goudsmid, en een sportschool. Ook zij zien wel kansen voor het fabrieksterrein. 

Het zou een mooie plek zijn voor bijvoorbeeld het Huizer Museum. En biedt het gegeven dat Huizen met 44.000 inwoners een theaterzaal heeft met slechts ongeveer 75 stoelen niet te denken? Bovendien: het dichtstbijzijnde Filmhuis is in Bussum. En wonen in een industriële loft trekt ongetwijfeld belangstellenden.

Huizen staat niet bekend als een gemeente met grote architectonische ambities en gedurfde visies waar het de stedelijke ontwikkeling betreft. Maar het zou leuk zijn als wethouder Boom toch eens gaat kijken wat Ulft met de oude DRU-fabrieken heeft gedaan. 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s